Dagboek van Boden - 24 mei 2020

De komende 3 weken probeer ik zoveel mogelijk dagboekfragmenten van Boden en Brooklyn te schrijven om je een idee te geven wat het is voor een hond om in een nieuw gezin te worden opgenomen en wat het is voor de hond van het gezin om er plots een soortgenoot bij te hebben. In beide gevallen zijn er angsten en onzekerheden, maar zeker ook positieve dingen. Hoewel we natuurlijk nooit zeker weten wat een hond voelt of denkt, probeer ik uit de taal van de hond zoveel mogelijk te halen om een realistisch beeld te schetsen. Ik hoop dat je hier wat aan hebt en wens je heel veel leesplezier. 






DAGBOEK VAN BODEN

24 mei 2020 
Xana is vroeg op vandaag! Ze maakt ineens alles klaar om te gaan wandelen. ‘Ben je er klaar voor, grote broer?’ Wat wilt dat zeggen? We wandelen over de straat. Er is werkelijk niemand te zien! Heerlijk!
Ik doe wat ik goed doe en dat is heerlijk naast Xana stappen. Als ik naar haar kijk, hoor ik mijn magische woordje ‘Nice’, gevolgd door iets lekkers.
Oh nee, daar komt opeens een jogger. Ik piep. Xana snapt dat ik geschrokken ben en geeft me weer een Nice voertje. Oké, ik snuffel even verder. De jogger passeert en ik krijg nog een voertje. Lekker, toffe jogger!
In de zijstraat zie ik een ree staan! Oh jeeeeee!! Oké, we draaien even terug, geen zorgen. Fffieuw! We wandelen verder, de ree is weg, maar hé, ik ruik ‘m, waar staat die ondeugd? Ik blaf, maar zie hem niet. Ik speur verder op de grond. Oké, nee, ik moet zigzaggen met Xana, ah ja, pff, dat is beter, terug wat rustiger. Zalig, she gets me...
Ik merk dat ze een dekentje van mij inpakt, maar ook één van Shaggy en Lola. Waarom doet ze dat toch? Oh, en een pensstaafje ook nog!? Gaan we ergens naartoe? Nee, ik moet in de bench, maar wat een geweldige Kong krijg ik, met nog een pensstaafje eruitstekend. Heerlijk! Oké, tot straks! Ik heb wat te doen!
Ze zijn lang weggeweest, zeg! Aha, daar is Xana terug. Ze heeft dekentjes bij. Van wie? Ik snuffel een andere hond. Waar is ze nu weer geweest? Wanneer ze naar een andere hond is geweest, ruikt ze er ook niet zo sterk naar. Waar is ze geweest? Met wie? Ik snuffel een jonge hond. De poezen krijgen de dekentjes en snuffelen er naar hartelust aan. Ik snuffel ook, maar concentreer me op haar broek en handen. Ik krijg m’n harnasje aan. Gaan we terug wandelen? Oh nee, het regent! Hé, zie ik mama en Aaron daar staan buiten op straat? Wat doen ze daar? Oh nee, hebben ze een hond bij? Ja, ze hebben een hond bij! Oh jee, wat moet ik doen?
Ik ga snuffelen. Oh nee, de hond blaft naar mij. Ik blaf even terug. Ik snuffel haar onder de staart. Ze is bang van mij. Waarom is ze bang van mij? Ik doe niks! Ik wil alleen snuffelen, kennismaken. Oei, ze schuilt achter de benen van mama.
Goed, dan een andere keer.
Oh, we gaan samen in de tuin. Goed, wandelen naast elkaar in de tuin. Ze lijkt nog altijd bang. Wat moet ik doen? Ik haal mijn gekste sprongen boven om haar mee te krijgen. Oei, ze blaft weer zo hoog. Wat is er mis met haar? Ik wil nog eens snuffelen. Ja, dat lukt. Ik doe nog eens een spelboog, nee ze wilt nog altijd niet mee. Wat moet ik doen? Ik begin dan maar te lopen. We zijn ondertussen beide los. Nee, nog niks... Ik weet niks anders meer. Ik tik haar aan, misschien zo. Nee, oei, dat vond ze niet leuk. Ik vind dit niet leuk! Waarom speelt ze niet met mij?
Xana zegt dat dat hondje net hetzelfde is als ik, dat ik ook zo was, maar dat geloof ik niet, hoor. Dat kan niet! Binnen keert de rust even weder. De kleine moet in haar bench. Ik ga in die van mij. Goed, rust. De katten zij precies weg. Waar zijn ze? Oh, in de gang, ik hoor ze. Goed.
De puppy moet een aantal keer naar buiten. Ik wil mee. Gelukkig, Xana doet even wat spelletjes met me! Iets wat nog hetzelfde is! Ik krijg echt superveel lekkers vandaag, wat heerlijk!
Ik weet nog altijd niet wat ik van die andere hond moet vinden. Hoe heet ze trouwens? De mensen zeggen Brooklyn, maar ze reageert er niet echt op, dus weten ze eigenlijk wel zeker dat dat haar naam is? Zij zelf heeft het mij ook nog niet gezegd. Ik denk dat ze ’t zelf niet goed weet. Ze lijkt me erg bang. Ik ben ook af en toe bang, dus ik weet wat ze bedoelt. Ha, bedoelt Xana dat ik zo op haar lijk? Nee, toch? Of wel misschien?
Als we samen buiten zijn, merk ik dat ze opschrikt van de auto’s die in de regen veel lawaai maken, ik probeer er komaf mee te maken door te blaffen naar de auto’s, maar dat helpt niet. Oei, fietsers kent ze ook niet, daar blaf ik dan ook naar. Ze lijkt niet te snappen dat ik dat voor haar doe. Hoewel, ook een beetje voor mezelf, want het verzet mijn aandacht even van haar naar wat anders.
’s Avonds moeten we in het donker buiten. Duidelijk vindt de kleine dat niet zo leuk. Ik ga in mijn bench en ik ben moe. De puppy passeert ineens nogal heel dicht, dus ik blaf. Ik ben moe... Ik krijg nog een lekker koekje. De puppy slaapt in de bench in de living. Ze piept, dus ik blaf. Ze moet stil zijn. Oké, ze is snel stil. Gelukkig. Ik vertrek nu ook naar dro...men...laaannnndddd...zzzzzz....



Beoordelingen

Er zijn geen beoordelingen gevonden.


Blog